Nieuwsbrief mei 2016

phil-coffman-161251.jpg

Personen- en Familierecht: volwaardige specialiteit van het kantoor!

Met genoegen kunnen wij U meedelen dat vanaf 1 augustus e.k. mr. Jessyca Bonneux het team van Reyns Advocaten zal vervoegen. Zij zal samen met mr. Dieter Leenders de cel Personen-en Familierecht verder uitbouwen. Jessyca heeft gedurende 5 jaar een doorgedreven praktijkervaring opgedaan in deze materies bij DDVD Advocaten te Diest. 

Jarenlang lag de focus van het kantoor bijna uitsluitend op het ondernemingsleven. Er werd immers steeds verondersteld dat het bedrijfsrecht en het familierecht niet compatibel waren. Ondertussen leert de praktijk dat er vaak vele raakpunten zijn tussen deze takken van het recht. Ook ondernemers en hun familieleden hebben vaak nood aan juridische bijstand als het om familiaalrechtelijke problemen gaat. 

Er werd dan ook beslist om deze tak van het recht uit te bouwen tot een volwaardige specialiteit binnen het kantoor. Zo zal het kantoor thans - nog meer dan voorheen - alle diensten kunnen aanbieden die betrekking hebben op volgende materies : personen- en familierecht (echtelijke moeilijkheden), erfrecht -en successieplanning (i.s.m. prof. dr. Barbaix R.), huwelijksvermogensrecht en jeugdrecht.


Ruime invulling informatieplicht van de aannemer: een geïnformeerd aannemer is er twee waard!

Een gespecialiseerde aannemer in levering plaatsing van koel- en airco-installaties, alsook in verhuur van wagens en machines in de koel- en vriesindustrie ging voor een professionele klant over tot plaatsing van koelcellen, warmtepompen en koelingen. De klant protesteert voor de rechtbank de facturatie omdat de aannemer zou tekortgeschoten zijn aan de verplichting te informeren over het vergunningsplichtig karakter van de uit te voeren werken, alsook over de noodzaak tot versterken van de aanwezige elektrische installatie. De klant vordert op zijn beurt een schadevergoeding van de aannemer.

De rechter stelt vast dat de aannemer er van op de hoogte was van in welke omgeving de koeltoestellen zouden geplaatst worden. Daarenboven wordt niet aangetoond dat de aannemer de klant op het vergunningsplichtig karakter heeft gewezen en de plicht tot het verkrijgen van de nodige vergunning bij de klant heeft gelegd. De aannemer heeft de werken aangevat zonder zich ervan te vergewissen dat de werken vergund waren… .

De rechter oordeelt dat de aannemer als specialist een raadgevingsplicht heeft. De aannemer had de klant moeten verwittigen dat de beoogde werken een vergunning vereisten. De informatieplicht is niet beperkt tot het geven van inlichtingen over het contract zelf, maar neemt soms ook de vorm aan van een waarschuwings- of reactieplicht, of zelfs een weigeringsplicht ! 
In dit geval had de aannemer erover moeten waken dat de stedenbouwkundige vergunning er was alvorens de werkzaamheden te starten. Bovendien had de aannemer de klant attent moeten maken op het risico dat omwonenden zouden klagen over geluidshinder. Daarenboven had de aannemer er op moeten wijzen dat het normaal gebruik van de diverse te leveren toestellen een verhoging van de aanwezige stroomsterkte zou vereisen. Ook dit was in casu niet gebeurd.

De rechtbank kende een schadevergoeding toe voor de klant, welke in dit geval opliep tot +/- 1/3e van de aannemingssom.

Als aannemer – specialist, in gelijk welke sector, bent u zich dus maar beter bewust van uw plicht om de klant véél ruimer te informeren dan over het strikt technische van de aanneming, in het bijzonder over de mogelijke vergunningsplicht ! Informeren, raadgeven, reageren en soms gewoon weigeren kan u veel ellende besparen. Een geïnformeerd aannemer is er twee waard !

Vragen of onzekerheden bij de opmaak  van een contract / bij het voeren van onderhandelingen : contacteer ons !

Kh. Leuven (2e kamer), 6 oktober 2015


Mijn professionele huurder start een WCO – procedure op: Wat nu? Een antwoord op enkele vragen.

WCO ?

Algemeen gesteld, brengt de opstart van een WCO – procedure (Wet Continuïteit Ondernemingen) met zich mee dat de gerechtelijk gereorganiseerde gedurende een periode van maximaal 6 maanden beschermd wordt tegen zijn schuldeisers (i.e. ‘opschorting’), althans voor de schuldenberg die ontstaan is vóór opstart van de WCO – procedure. De schulden van na de opstart moeten uiteraard stipt betaald worden, continuïteit is immers het codewoord.

Einde huur ?

De aanvraag of opening van de WCO – procedure  maakt  op zich géén einde aan de lopende huurovereenkomsten, noch aan de modaliteiten van hun uitvoering. Een contract dat het tegenovergestelde zou bepalen wordt voor niet geschreven gehouden. Er verandert dus niet veel …

De huurder moet, mede in het licht van de eigen continuïteit die hij door een beroep op de WCO – procedure nastreeft, de lopende huur stipt verder blijven betalen. De wet bepaalt immers dat een schuldvordering die voortvloeit uit lopende overeenkomsten met opeenvolgende prestaties, zoals een huurovereenkomst, niet onderworpen is aan de opschorting in de mate dat zij betrekking heeft op prestaties verricht nadat de procedure open is verklaard.

Beëindiging op basis van bestaande huurachterstallen ?

Vaak zal de huurder reeds een huurachterstal opgebouwd hebben vooraleer hij zijn toevlucht zoekt tot de WCO – procedure. Kan u op basis van deze gerezen achterstal de beëindiging van de huurovereenkomst nastreven voor de Vrederechter ondanks de WCO - procedure?

De wet bepaalt dat de contractuele wanprestatie van de huurder voorafgaand aan de toekenning van de opschorting voor de verhuurder géén grond uitmaakt voor de beëindiging van de overeenkomst, in zoverre de huurder deze wanprestatie ongedaan maakt door de overeenkomst uit te voeren binnen een termijn van vijftien dagen na hiervoor in gebreke te zijn gesteld door de verhuurder, schuldeiser in de opschorting. 
 

Van zodra U weet van de WCO – procedure kan u dus eisen dat de huurder ondanks de start van de WCO – procedure zijn bestaande huurschuld alsnog afbetaalt binnen de 15 dagen. Doet hij dit niet, dan kan u de overeenkomst alsnog laten beëindigen door de rechter ! Doet hij dit wel, dan heeft U uiteraard uw geld én min of meer de garantie dat de huurder u stipt verder zal betalen, vermits hij ‘in WCO’ verkeert en de gedelegeerd rechter mee de continuïteit (lees : de betalingen) zal opvolgen.

En wat als ik de huur niet wil beëindigen ?

Ook dan is er relatief goed nieuws. De verhuurder is immers een ‘buitengewone’ schuldeiser in de opschorting omdat hij over een bijzonder voorrecht beschikt op al de ‘stofferende goederen’ van de huurder die zich in het gehuurde pand bevinden.

Indien de huurder een reorganisatieplan opmaakt in het kader van de WCO - procedure, dan zal het effect daarvan op schuldvordering van de verhuurder relatief beperkt zijn, er kan immers maximaal een betalingsuitstel van 24 maanden voor de bestaande huurachterstal aan de verhuurder opgedrongen worden.

Voorwaarde hiervoor is wel dat de huur op het moment van de opstart van de WCO – procedure nog lopende is en het gehuurde pand nog niet ontruimd, in het ander geval verliest de ex-verhuurder immers zijn bijzondere status en moet hij de bepalingen van het reorganisatieplan ondergaan.


Wist je dat?

  • Een overeenkomst van bepaalde duur niet vroegtijdig kan worden beëindigd, dit in tegenstelling met overeenkomsten van onbepaalde duur. Dit is een eenvoudige toepassing van het basisprincipe vervat in art. 1134 Burgerlijk Wetboek, dat zegt dat "overeenkomsten partijen tot wet strekken". Enkel wanneer U een ernstige wanprestatie kan bewijzen, kan een rechtbank voortijdig de ontbinding van een overeenkomst van bepaalde duur vaststellen ten laste van de in gebreke blijvende partij.
  • Wanneer U betaalt op een rekening die niet die van Uw leverancier is doordat het rekeningnummer op de factuur werd vervalst (facturenfraude), draagt U het risico hiervan en dient U een tweede maal te betalen, tenzij U uiteraard kan bewijzen dat de leverancier zelf iets te maken heeft met deze fraude. Wanneer het in Uw bankapplicatie gekende rekeningnummer van Uw leverancier wijzigt, is het dus raadzaam de leverancier even te contacteren en hem te vragen of zijn rekeningnummer inderdaad is gewijzigd. (Kh. Antwerpen (afd. Hasselt), 24 juni 2015)